Onderzoek naar het gebied van de inspiratie.
WIE NIET IN WONDEREN GELOOFT IS GEEN REALIST.

 

werk Rudy KlompGoedenavond
Ik wil u een voorval vertellen, waar ik deze week, voorafgaande aan de lezing, veel aan moest denken.
Op het marktplein rond de kerk, zag ik eens een jongen. Hij was druk doende zijn motor aan te trappen. Wat hem niet lukte. Vloekend en tierend verwenste hij de -overigens prachtige- machine. Enkele voorbijgangers ergerden zich aan de niet mis te verstane woedeuitbarstingen. Zo ook de passerende pastoor. Deze wendde zich tot de vloekende en tierende jongen. Het contrast met de zalvende zachte stem herinner ik mij nog als de dag van gisteren. "Jongeman," zei de pastoor en zijn stem klonk vermanend. "Jongeman probeer het eens met een schietgebedje." De jongen keek op en dacht: "Nou ja, wie niet waagt, wie niet wint." Prevelde een gebed en startte opnieuw. Tot ieders verbazing sloeg de motor direct aan. De jongen reed weg. Ik stond vlak bij de pastoor en hoorde hem mompelen: "Jezus!! Hoe kan dat nou?"
Een ander verhaal.
Op de 15de maart van het jaar 44 voor Christus werd de legendarische veldheer en staatsman Julius Caesar door een aantal ontevreden senatoren om het leven gebracht. Misschien was de geschiedenis anders gelopen als Caesar had geluisterd naar de waarschuwingen van zijn vrouw die in haar droom de fatale gebeurtenis had voorzien. Een klassiek voorbeeld van een voorspellende droom. (Dus dacht ik, twee vrouwen dromen meer dan een.)

De vele verborgen en nog maar ten dele verklaarde krachten in de mens en de natuur hebben door de eeuwen heen tal van mensen gefascineerd en tot onderzoek gebracht. Vooral de laatste tijd is die belangstelling in brede zin internationaal enorm toegenomen; zij uit zich ondermeer in het verkennen en aanhangen van verschillende vormen van oosterse levensbeschouwingen. Ook in een nuchter land als het onze is die belangstelling sterk groeiende. De stroom van reacties op TV programma's die uitgebreid aandacht besteden aan zulke moeilijke en vaak tot misvatting aanleiding gevende onderwerpen als helderziendheid etc. (dit geldt ook voor kunst), is daarvan een duidelijk bewijs.

R. Klomp.

 

Onderzoek naar het gebied van de inspiratie.
 

Geachte Dames en Heren.
Leven en kunst zijn één.
Deze (tenoonstellings) ruimte wil daarvan getuigen.
De eenheid stellen die in onze Postmoderne tijd verloren dreigen te gaan.
Wij wijzen op grond van ervaringen denkpatronen af die de wereld wezenloos en fragmentarisch voor willen stellen als gebeurtenissen zonder meer. Psychologisch gezien wel als 'massa' maar niet als 'groep' willen verschijnen. (1)
De hypothese van de vormende oorzakelijkheid stelt, dat de kenmerkende vormen aangenomen door organismen, ontstaan en worden onderhouden door specifieke velden, die morfogenetische velden genoemd kunnen worden (van het griekse morfe = vorm en genesis = ontstaan). (2)
In de kunst deden meerdere groepen (in het verleden modernisme of recentelijk postmodernisme) van zich spreken. Maar er is daarin een belangrijk verschil met de groep l'Homme transcendent. Waar zij als collectiviteit streefden naar anonimiteit of ondergeschiktheid - in welke vorm dan ook - van de deelnemende personen aan het groepsgebeuren, vertrekt de groep l'Homme transcendent - als anoniem collectief bewustzijn - naar juist een 'persoonlijk bewustzijn'. (3)
Tegenwoordig weten we dat de biosfeer zich in ver-uit-evenwichtstoestanden bevindt. Zelforganisatie processen in ver-van-evenwichtstoestanden kennen een gevoelige wisselwerking tussen kans en noodzakelijkheid. Prigogine toont aan dat entropie in ieder geval onder niet-evenwichtsomstandigheden, orde, organisatie - en dus leven - voortbrengt in plaats van afbreekt. (4)
Hoewel een scheppende kracht die in staat is om in de loop van de evolutie tot nieuwe vormen en nieuwe gedragspatronen aanleiding te geven, noodzakelijkerwijs boven het individu uitstijgt, hoeft deze niet boven de hele natuur geplaatst te zijn. Zulke scheppende krachten zouden door een vorm van oorzakelijkheid tot nieuwe morfogenentische velden kunnen leiden. Als het bestaan van zulke scheppende krachten - hoe dan ook - wordt toegegeven, dan is het moeilijk om de conclusie te vermijden dat ze in zekere zin een bewuste ik vormen. (2)
Wij, de groep, zijn mediamiek verbonden in een transcendent bewustzijn (= andere wetmatigheid). Deze eenheid herkent zich als een 'idividu' en introduceert zich als een l'Homme transcendent in de hoop de impasse te doorbreken waarin het niet-transcendente bewustzijn is terecht gekomen. (5)
Het meer of minder beperkte 'geheel' van een organisatie zou dan gezien kunnen worden als een weerspiegeling van de transcendente eenheid, waarvan het afhankelijk zou zijn en waarvan het uiteindelijk afgeleid zou zijn. Dus bevestigt dit standpunt de oorzakelijke werkzaamheid van het bewuste ik en het ontstaan van een hiërarchie van scheppende krachten de natuur eigen en de werkelijkheid van een transcendente bron voor het universum. (2)
Het individu in l'Homme transcendent streeft niet naar eenheid maar vertrekt uit eenheid en verliest niet zijn betekenins in een onpersoonlijk worden. Het is als deelpersoonlijkheid bewust werkzaam in verantwoordelijkheid vanuit dat geheel. (5)
Het gevoel van een nieuw tijdperk wordt ondersteund door de toenadering vanuit de wetenschap die zich binnen de quantummechanica onder meer geconfronteerd ziet met de velden-theorie en de invloed daarop van de geest in directe zin, dat wil zeggen van de waarnemer. (6)
Whitehead (Engelse filosoof en mathematicus, 1861 - 1947; schrijver van onder meer Process and reality. 1929) heeft geschreven dat een botsing tussen twee doctrines geen ramp is maar een goede kans. De botsing tussen doctrines, het conflikt tussen zijn en worden, wijst ons erop dat we voor een nieuw keerpunt staan, dat er een nieuwe synthese nodig is. (4)
Maar het meest serieuze probleem rond de tentoonstelling 'The Spiritual in Art' in het Haagse Gemeentemuseum (in 1987) is, dat het faalt in het onderscheid tussen occultisme en het oprecht spirituele, terwijl het neigt naar het over één kam scheren van esoterisch-christelijke geloven en de infiltratie van filosofische en religieuze opvattingen uit Azie aan de ene kant; met aan de andere kant allerlei oude 'liefhebberijen' in het occulte. Wetenschap wordt traditioneel gebracht als de antithese van een spiritueel begrip over de wereld, maar huidig onderzoek in verschillende disciplines, met name de fysica, suggereren dat de twee terreinen van wetenschap en mystiek gebieden delen die achter de grenzen van de waarneming liggen zoals tot nu toe gedefinieerd. Het is vaak opgemerkt dat fysici momenteel concepten gebruiken die bijna metafysich zijn en het werk van de biochemicus en filosoof Rupert Sheldrake houdt voorstellen in over een 'morfische resonantie' - een niet-materiele overdracht van ervaring - die duidelijk betrekking hebben op opvattingen over de mystiek. (7)
Tegen de achtergrond van het gangbare materialisme kan het bewijsmateriaal voor parapsychologische verschijnselen met de hypothese van de vormende oorzakelijkheid verenigbaar blijken te zijn; in het byzonder zou het mogelijk kunnen zijn om een verklaring voor telepathie in termen van verandering van toevalsgebeurtenissen in voorwerpen, die onder invloed van motorische velden staan, onder woorden te brengen. (2)
Rupert Sheldrake of Spirit in Art - Schepsel - Gedachtenisvelden of Aandachtsvelden of Compositie door Rudy Klomp (8)
Parapsychologie is nog altijd een wetenschap die door menigeen met argwaan wordt bekeken. Vandaar dat steeds meer aandacht wordt geschonken aan onderzoekingen onder klinisch-experimentele omstandigheden. Men vormt een groep, men creëert een imaginaire geest, Philip, en probeert dan met dit maaksel het menselijke (onder)bewustzijn van de groepsleden zo te aktiveren dat het 'schepsel' van zijn reëele existentie blijk geeft door - op een of andere wijze - te verschijnen. In de praktijk bleek het allemaal niet zo simpel. Dat begon al met de samenstelling van de groep. Deze moest zeer gemotiveerd zijn, want het kon langdurig en geduldig werken inhouden zonder uiteindelijk succes. Men hield strak vast aan het groepskarakter van het experiment. De groep ontdekte ook een merkwaardig soort telepatische sfeer bij de participanten. Philip als 'groepsgeest' bleek vaak reeds de vragen te kunnen beantwoorden voordat zij volledig waren geformuleerd. (9)
Als het geheugen niet tastbaar binnen de hersenen wordt opgeslagen maar op een of andere manier een tijdoverschrijdende werking met zich meebrengt, dan hoeft het niet tot de hersenen van een enkel individu beperkt te zijn: het zou van persoon op persoon kunnen overgaan of een soort 'gedeeld' geheugen zou van talloze individuen uit het verleden overgeërfd kunnen zijn. Deze beïnvloeding zou een werking binnen ruimte en tijd vergen die op geen van de bekende natuurkundige effecten lijkt. (2)
De (gespleten) persoonlijkheid van gisteren is de deelpersoonlijkheid van nu als toekomst. Actueel en potentieel. (5)
Het besef dat toekomstige stelsels die nog niet bestaan, in staat zouden zijn om een 'terugwaartse' oorzakelijke invloed in de tijd uit te oefenen, is misschien logisch voor te stellen maar pas als overtuigend empirisch bewijsmateriaal is voor een tastbare invloed van toekomstige morfische eenheden, is het nodig deze mogelijkheid serieus te nemen. Als eenmaal toegegeven wordt dat het bewuste ik eigenschappen heeft die anders zijn dan die van zuiver lichamelijke eigenschappen, dan lijkt het mogelijk dat sommige van deze eigenschappen de parapsychologische verschijnselen verklaren kunnen. (2)
Het behoudt dezelfde eigenschappen = beeldtaal en verbeelding, waardoor de inspiratie zo gelijkluidend is in onze kunstwerken. Zo kon het gebeuren dat wij in elkaars werk = Intentie, ons konden inleven omdat wij dezelfde Ideëen hadden. Zo sterk zelfs dat telepatische overdrachten mogelijk werden. Denk maar aan mijn vierkant in een schilderij waar ik op ploeterde en jij in jouw atelier ook ploeterde gelijktijdig op een vierkante vorm=aanvang nieuwe opzet? Enz. enz. Is dat telepathie of gelijktijdige geinspireerdheid........? (10)
Maar toegegeven dat het ik zijn eigen eigenschappen heeft, hoe werkt het dan, via motorische velden, in op het lichaam en de buitenwereld? Er lijken twee manieren te zijn. Ten eerste door tussen verschillende mogelijke motorische velden te kiezen waardoor de ene in plaats van de andere reeks handelingen wordt uitgevoerd. En ten tweede door als een scheppende kracht te werken waardoor nieuwe motorische velden ontstaan, zoals bv. bij het leren door 'ínzicht'. In beide gevallen zou het als een vormende oorzakelijkheid werken maar dan een die uit het gezichtspunt van de natuurlijkheid binnen grenzen, vrij en onbepaald is. Het zou in feite als de vormende oorzaak van de vormende oorzakelijkheid beschouwd kunnen worden. Volgens deze uitleg berusten bewust gestuurde handelingen op drie vormen van oorzakelijheid: bewuste, vormende en energetische oorzakelijkheid. (2)
Via de séance komt de groep in contact met het gebied van de handzaam geworden tijd, het tijdvlak waarin heden, verleden en toekomst samenvallen. Vanuit deze positie wil Klomp de wereld -en de schilderkunst- begrijpen. Deze positie vraagt om een nieuwe terminologie. In plaats van de oude dualiteit materie-geest, die aan de tweedimensionale opvatting van tijd gebonden is, stelt Klomp vanuit het tijdvlak een drie-eenheid.Deze bestaat uit Geest (ongevormd) - Psychische Abstractie (gevormd) - Zuivere energie (vormloos). De geest, het ongevormde moet als het alles-omvattende worden opgevat, maar tegelijkertijd vormt het de verbinding tussen de zuivere energie en de psychische abstractie. Dit gebeurt tunnelend als tussen golf en deeltje. (11) 
Voor de Enschede groep schilders bestaande uit Rudy Klomp, Betty Koelman en Clasina Douma die hun toevlucht in het Enschedese Pathmos zochten, is bij wat men inspiratie noemt geen sprake van enige goddelijke herkomst. Met behulp van een voorbeeld uit de parapsychologie, het geval Philip, een door een groep mensen geconstrueerde en vervolgens mediamiek aanspreekbare persoon, onderbouwen zij hun stelling dat een groep mensen een groepsbewustzijn kan genereren, een soort wolk van energie, waaraan alle groepsleden bijdragen en waaruit alle groepsleden kunnen putten. Inspiratie wordt zo een beheersbare en bijna tastbare vorm van energieontlening. De groep experimenteerde met deze ongewone vorm van artistieke samenwerking en zet met de huidige tentoonstelling "The Noble Art of Selfdefence' een punt achter deze fase van onderzoek. (12)
Het gebundelde groepsbewustzijn wordt manifest. Dit zou men de eerste fase kunnen noemen. Een tweede of volgende fase wordt beschreven als het ontstaan van een 'eigen' persoonlijkheid. Als groep l'Homme transcendent pogen wij door middel van ons werk beide fasen aantoonbaar te maken. Fase één kan geschetst worden als bevestiging van het paranomale gebeuren. Meestal wordt deze fase als verbindend beleefd. Bij de volgende fase ontstaat Inspiratie vanuit het paranormale (bewustzijn in overtreffende trap). (13)
Die openheid willen wij behouden en daarmee de toekomst.

Clasina Douma - Betty Koelman - Rudy Klomp November 1992

 

Noten 

1

B.Koelman
1 + 1+ 1 = 4 Uitgave Stichting Pararealisme 1989
e = mc2

2

R. Sheldrake Een nieuwe levenswetenschap - De hypothese van vormende oorzakelijheid - Londen: Blond en Briggs 1981

3

Brief C. Douma aan 'Aleph' Almere 1990

4

I. Prigoginen en I. Stengers Orde uit chaos Bert Bakker Amsterdam 1987

5

R. Klomp l'Homme transcendent of Gedachte en omgeving zijn een BEELD Uitgave Kunsthistorisch Instituut Amsterdam Jrg 3-3 1988

6

Bestuursverklaring R. Klomp Spiritistische Vereniging 'Harmonia' Afd. Twente 1986

7

Bette Spektorov The Spiritual in Art at the Haagse Gemeentemuseum STUDIO Vol 201 No 1019 1988

8

Schilderij R. Klomp Olieverf op doek 100 x 80 cm 1987 (Andere titels: Viertien dagen Amsterdam of Abstract-Naief Kijken febr. 1975; Pararealisme 1976; De Val van Mondriaan 1977; Beeldtaal en Verbeelding 1977)

9

Owen, Owen en Whitton Een Canadees avontuur in psychokinese (Het Philip experiment) Tijdschrift voor Parapsychologie H. de Groot Jrg 45 - no 1 1977

10

Brief R. Klomp aan B. Koelman 1992

11

G. Meijerink RUDY KLOMP Kunstenaarsbijdrage BEELD Uitgave Kunsthistorisch Instituut Amsterdam Jrg 2 / 2 1986

12

P. Breitbarth Pathmos Tubantia 11 november 1992

13 

Bijlage bij Een canadees avontuur in psychokinese (Het Philip-experiment) Uitgave Stichting Pararealisme september 1992

 

Lezing: Onderzoek naar het gebied van de inspiratie.

 

Gehouden ter gelegenheid van de tentoonstelling 'The Noble Art of Selfdefence' 26 november 1992.
Uitgave Stichting Pararealisme www.pararealisme.nl

Secretariaat: De Kiepe 256 - 7544 HC - Enschede - 053 - 4760083

 

INTUïTIE EN INSPIRATIE

 

P6210243

Goedenavond allemaal.
Séance betekent bijzondere zitting.
Dit is een bijzondere zitting.
Stel, je bent kunstenaar.
en vóór je, een onbeschilderd doek.
Ik moet mij, weet ik, door mijn - INTUïTIE - laten leiden.
Mij geinspireerd voelen.
Anders wordt het geen kunst, maar een bedenksel.
Zónder méér.
Dáárom en dáárdoor en nogmaals en wéér;
Kunst is geen beroep.
Maar een roeping.
Zo ook het mediumschap.
Ook dat laat zich leiden door - INTUïTIE.
Door - INSPIRATIE - en wel door de juiste afstemming.
Wij zijn hier bijeen voor een bijzondere zitting.
Een séance.
Leven en kunst zijn één.
Laten we ons daarvoor openstellen.
Leven en kunst zijn één.
Het woord is nu aan het medium. 

B.Koelman. Enschede, 26 november 1992